Alv kan schade niet op bestuur verhalen als zij zelf ook niets doet

Een mooi voorbeeld van de eigen verantwoordelijkheid van de algemene vergadering. Mag de alv het bestuur aansprakelijk stellen als zij die schade zelf had kunnen voorkomen? En mag zij het bestuur persoonlijk aansprakelijk stellen voor 500.000 euro schade als zij ook een derde partij had kunnen aanspreken?

Dit is een belangrijke uitspraak voor bestuurders waarbij de rechter een grens heeft getrokken in de persoonlijke aansprakelijkheid: ‘Het verhalen van zulke grote bedragen op het persoonlijk vermogen heeft te veel impact op de bestuurders en hun families’  Een typisch gevalletje van ‘de pot verwijt de ketel dat hij zwart ziet’.

riool

Bestuurders nalatig

Op een park wordt een bedrijventerrein ontwikkelt. De eigenaren van de bedrijfsunits verenigen zich. De vereniging neemt het rioolstelsel over van projectontwikkelaars. Bij de oplevering blijkt de rioolinspectie nog niet klaar, en later blijkt dat er waterschade en verzakkingen zijn ontstaan aan de bedrijfsunits die op het park staan. Bij de overname zijn twee bestuurders van de vereniging betrokken. Het blijkt dat zij geen controle hebben uitgevoerd op de kwaliteit van het geleverde rioleringsstelsel. De getroffen leden verzamelen zich in de alv en de alv stelt de bestuurders persoonlijk aansprakelijk voor de geleden schade.

Wel nalatig, niet aansprakelijk

De rechter oordeelt dat de bestuurders nalatig zijn geweest. Van hen had verwacht mogen worden dat zij bij oplevering de beschikbare informatie over de kwaliteit van het riool controleren. Zij hadden ook actie moeten ondernemen toen bleek dat het riool niet voldeed aan de eisen. Zij hadden nakoming kunnen vorderen waardoor de schade waarschijnlijk niet of maar deels zou zijn ontstaan.

Schade te groot voor persoonlijke aansprakelijkheid

Hoewel de bestuursleden wel nalatig zijn geweest vindt de rechter dat de alv deze schade niet op de bestuurders persoonlijk mag verhalen. De alv had de projectontwikkelaars moeten aanspreken wegens wanprestatie voor de schade van 500.000 euro. Het verhalen van deze grote bedragen op het persoonlijk vermogen van de bestuurders heeft te veel impact op henzelf en hun families. Daarbij is het aannemelijk dat een vordering tegen de projectontwikkelaars zeker kans van slagen had. Zij zijn doorgaans ook voor zulke schades verzekerd.

Maar ook als de vordering tegen de projectontwikkelaars geen kans van slagen zou hebben, valt de bestuurders geen ernstig verwijt te maken.

Geen ernstig verwijt

De bestuurders hadden in 2012 al te kennen gegeven dat zij wilden stoppen, en dat er een nieuw bestuur benoemd zou worden uit de eigenaren van de bedrijfsunits. Niemand in de alv had daar zin in, waarna de vereniging enkele jaren een slapend bestaan heeft geleid. De alv had in 2012 al haar verantwoordelijkheid kunnen nemen en een nieuw bestuur benoemen, onderzoek kunnen laten uitvoeren naar de gebreken, de projectontwikkelaars kunnen aanmanen tot deugdelijke nakoming en hen aansprakelijk stellen. Nu duidelijk was dat het bestuur dit niet meer ging doen, had de alv in plaats van het bestuur ook dergelijke opdrachten kunnen geven. Dat heeft zij niet gedaan. Daarmee is de alv zelf verantwoordelijk voor de ontstane situatie.

Belang voor andere verenigingen

De uitspraak is voor bestuurders en alv’s van verenigingen belangrijk, omdat het duidelijk de verantwoordelijkheid van de alv aangeeft. Als alv kun je niet naar het bestuur wijzen en zelf achterover gaan zitten en nietsdoen. Als duidelijk is dat het bestuur geen actie onderneemt, zal de alv dit dus moeten overnemen.

Daarnaast wordt hier aangegeven dat als er een keuze is tussen twee aansprakelijke partijen, de redelijkheid verlangt dat de alv díe partij kiest, die de schade ook kan dragen en geen onnodig persoonlijk leed gaat toebrengen aan bestuurders en diens families. Overigens is dat ook in het belang van de leden zelf als zij hun schade betaald willen krijgen, want de kans is klein dat privé personen een dergelijk bedrag kunnen ophoesten. Van een kale kip kun je niet plukken.

Bron:

Rechtbank Midden-Nederland, 6 september 2017, ECLI:NL:RBMNE:2017:4592

Marjo Vink – jurist verenigingsrecht

cropped-2016-visitekaartje-voorkant3.jpg