Zijn de social media accounts van vereniging of van lid?

social-media-488886_1280

Verenigingen zijn steeds meer op sociale media actief. Begrijpelijk. Maar wat als je een lid royeert die zo’n account beheert? Kun je dan verlangen dat dat lid het account overdraagt? In Vlaardingen sleepte een vereniging haar voormalig lid voor de rechter om het beheer van de facebookpagina terug te krijgen. Hetzelfde geldt natuurlijk ook voor andere accounts.

De facebookpagina was in 2014 aangemaakt. Het betreffende lid is in 2017 lid geworden van de vereniging en heeft daarna het beheer van de pagina gekregen. Daarnaast heeft het lid een facebookgroep opgestart die ook gebruikt werd om boodschappen van de vereniging te verspreiden.

Er ontstaat onenigheid en uiteindelijk wordt het lid geroyeerd. Het bestuur vraagt de toegangscodes van zowel de facebookpagina als de groep over te dragen. Dat gebeurt niet. Wat wel gebeurd is dat het lid het aantal volgers van 2000 terugbrengt naar 340, het mailadres dat aan het account gekoppeld is, verandert, de naam wijzigt van de pagina en de omslagfoto wijzigt in vier poppenkastpoppen.

Het bestuur stapt naar de rechter voor een kort geding. De rechter neemt als uitgangspunt dat degene die de pagina aanmaakt aanspraak maakt op het beheer van die pagina. Dat kan anders zijn als de maker dat in opdracht van een ander heeft gedaan of wanneer hij de pagina heeft overgedragen. Het hangt dus van de omstandigheden af, zoals zo vaak in het verenigingsrecht.

In dit geval is de pagina aangemaakt ten behoeve van de vereniging zelf. Dit is al in 2014 gebeurd en niet door het lid die in 2017 pas het beheer ervan kreeg. Dat beheer en de plaatsing van berichten daarop is bovendien in opdracht van de vereniging gebeurd. De rechter oordeelt dan ook dat het voormalig lid de facebookpagina moet overdragen.

Dat lag anders bij de facebookgroep. Deze was door het lid aangemaakt vanuit zijn persoonlijke account. Niet gebleken is dat dit in opdracht van de vereniging is gebeurd. Bovendien is in de groep de beheerder zichtbaar, en werden berichten ook op persoonlijke titel geplaatst. Dat de groep is gebruikt voor promotiedoeleinden voor de vereniging maakt niet dat de vereniging ook rechthebbende is van de content die daarop geplaatst wordt. Het beheer van de groep komt daarom toe aan het lid.

Daarmee is wellicht duidelijk aan wie het beheer toekomt, maar wordt er helaas geen uitspraak gegeven over de mogelijke schade die dit lid heeft aangericht door het account te wijzigen. Met de overdracht van het account wordt voorkomen dat er in de toekomst nog negatieve uitingen op de fb pagina geplaatst worden, maar het account was inmiddels wat volgers betreft wel ‘leeggehaald’ en de reeds geplaatste berichten (of juist het gebrek daaraan) kunnen wel imagoschade opleveren. Daarvoor zal echter een schadevordering ingediend moeten worden, hetgeen in deze zaak niet gebeurd is. Probleem is meestal dat zulke schade moeilijk aantoonbaar is. Voor de meeste verenigingen is dit dan ook niet haalbaar.

Kortom, uiteindelijk levert zo’n rechtszaak vaak maar een halve oplossing. Het kost bovendien veel geld, want een advocaat is verplicht en na zo’n kort geding komt altijd een bodemprocedure en wie pech heeft wordt ook nog geconfronteerd met een hoger beroep. Kosten kunnen oplopen van 1500 tot 3000 euro (en meer). Recht hebben is één ding, recht krijgen is een heel ander verhaal.

Voorkomen is daarom beter dan genezen. Met strategische keuzes en kennis van de procedures rondom strafmaatregelen kun je ook anticiperen op zulke problemen. Het is een kwestie van de juiste acties uitvoeren op de juiste momenten zodat dergelijke problemen zich niet voordoen, danwel dat de schade beperkt wordt. Dan is een rechtszaak niet meer nodig of niet rendabel. Legal Letters kan je met die strategische keuzes ondersteunen en dat kost heel wat minder dan 1500 euro.

Bron: ECLI:NL:RBROT:2019:1800

mr. Marjo Vink

cropped-2016-legalletters-logo-klein2.jpg